Musée ouvert jusqu'à 18:00
Parc ouvert jusqu'à 21:00
sluiten Plan de travail
25 Maart 2026 - 20 Juli 2026

Achter de Duizend-en-Een-Nacht.
Verhalen van de oriëntalismen

De tentoonstelling in 5 kernpunten
De tentoonstelling in een paar worden

Met bijna 300 meesterwerken reist de bezoeker door de duizend-en-een levens van voorwerpen uit het Oosten, van de middeleeuwen tot nu. Van Parijs tot Isfahan, van het Alhambra tot Caïro, van Constantinopel tot Venetië en Algiers wordt met een caleidoscoop van verhalen, waarin historische en verzonnen vertellingen met elkaar verweven zijn, de fascinatie ontcijferd voor wat ‘het Oosten’ werd genoemd.

Van kerkschatten tot Franse koninklijke collecties, van kunstenaarsateliers en verzamelaarsinterieurs tot musea van vroeger en nu: de tentoonstelling plaatst de kunstwerken opnieuw in hun historische en chronologische context. Het publiek kan op een nieuwe manier naar de voorwerpen kijken en luisteren naar de vele stemmen die ze met zich meedragen, en kan zien dat dat oriëntalismen – gedroomd, bediscussieerd, betwist – ook veel vertellen over Europa en zijn collectieve verbeelding.

Een grote diversiteit aan objecten

De tentoonstelling biedt een grote verscheidenheid aan voorwerpen: keramiek, schilderijen, beeldhouwwerken, foto’s, antieke voorwerpen, kerkschatten, sieraden, kleding, edelsmeedwerk en hedendaagse installaties. Ook de podiumkunsten zijn sterk vertegenwoordigd met Molière, Rameau, opera, film en cabaret.

De geschiedenis van deze voorwerpen

Tegenwoordig bekijken we de meeste van deze werken in musea. Elk heeft zijn eigen geschiedenis en het is dan ook de bedoeling van de tentoonstelling om de vele en uiteenlopende trajecten van deze voorwerpen, van de middeleeuwen tot heden, te belichten. Sommige zijn vanuit kerkelijke schatkamers uitgegroeid tot pronkstukken in musea, soms gepaard gaand met verzonnen verhalen, legendes en misvattingen. De meeste zijn afkomstig uit handels- en diplomatieke uitwisselingen, missies, aankopen van reissouvenirs, enz.

Hoewel het grootste deel van de collecties in de 19e eeuw werd opgebouwd, was er al in de middeleeuwen sprake van een enorme toestroom. De internationale handel en diplomatieke uitwisselingen bestonden immers al lang vóór de 19e eeuw en de huidige globalisering. In de huidige context van onderzoek naar collecties en postkoloniale studies betekent het begrijpen waar de kunstwerken vandaan komen, en hoe en waarom ze werden bewaard en hiërarchisch gerangschikt, het delen van de geschiedenis van de collecties met het publiek.

Een tentoonstelling over een lange periode

Hoewel de tentoonstelling een chronologische volgorde aanhoudt, worden de voorwerpen getoond in de periode waarin ze in Frankrijk bekend werden, zoals het Baptistère de Saint-Louis, een werk uit de 14e eeuw dat in de 18e eeuw werd tentoongesteld, toen de legende eromheen ontstond. Het Louvre-Lens, zoals te zien in de Tijdgalerij die 5000 jaar geschiedenis in één ruimte bestrijkt, benadert de geschiedenis over een lange periode. De tentoonstelling loopt van de middeleeuwen tot nu. Dit benadrukt hoezeer de voorwerpen de herinnering aan hun verschillende toepassingen in zich dragen, maar ook die van de opeenvolgende blikken die erop waren gericht. Door een vijftiental hedendaagse kunstenaars uit te nodigen, wordt duidelijk hoe dit erfgoed opnieuw kan worden bekeken, hoe de blik kan worden verlegd en hoe nieuwe interpretaties kunnen worden voorgesteld die het heden blijven structureren en ondervragen.

De blik van hedendaagse kunstenaars

Hedendaagse kunstenaars kijken op een andere, aanvullende, manier dan historica’s en historici. Hun blik is van groot belang voor het (her)belichten van verhalen en het bestuderen van de geschiedenis achter voorwerpen en mensen. Over de hele tentoonstelling zetten zo’n vijftien hedendaagse neventhema’s onze kennis in perspectief en geven verschillende voorstellingen en interpretaties van de oriëntalistische verhalen. Verspreid over de tentoonstelling, gaan werken van hedendaagse kunstenaars in dialoog met de historische perioden waarnaar ze verwijzen. Een kunstenares als Nil Yalter stelt al sinds de jaren 70, aan de hand van het voorbeeld van de dans, stereotypen en erfenissen ter discussie. De gebroken, gerepareerde borden van Kader Attia stellen de wonden van de geschiedenis en de mogelijkheid van herstel ter discussie. Deze werken geven een kritische herinterpretaties die de verhalen uitbreiden en veranderen. Ze laten zien dat de geschiedenis van de oriëntalismen nog niet is afgesloten: met desoriëntatie of heroriëntatie bevestigen de kunstenaars dat de oriëntalistische verhalen nog steeds wordt bediscussieerd en geschreven.

Scenografie

De scenografie van de tentoonstelling werd ontworpen door een creatief trio bestaande uit de artistieke directeuren Philippine Ordinaire en Bertrand Houdin, samen met Mathis Boucher, architect-scenograaf bij het Louvre-Lens.
De scenografie is ontworpen als een op zichzelf staand kunstwerk en geïnspireerd op de wereld van theater en opera. Het tentoonstellingsdecor is uitgewerkt met gordijnen en draperieën, kleurvlakken en grote zwart-witte motieven uit The Grammar of Ornament van Owen Jones.

Hoe verliep het ontwerpproces voor de scenografie van de tentoonstelling Achter de Duizend-en-een-nacht?
« Nadat we de opzet van de curatoren en de lijst met kunstwerken hadden ontvangen, verzamelden we ter inspiratie beeldmateriaal dat aansloot bij het onderwerp en wat het oproept: kleuren, vormen, personages, foto’s, citaten, zinnen enz. Uit dit vrije, intuïtieve inspiratieschrift kwam een leidraad voort.
Wij wilden geen ‘letterlijke’ weergave of illustratie van de Oriënt geven, maar eerder onderzoeken welk beeld daarbij wordt opgeroepen. We hebben de voorstellingen van de Oriënt bekeken met een beroep op verbeelding, dromen en mijmeringen. Deze associaties krijgen in de tentoonstelling vorm door middel van grote oosterse motieven, gedrukt in zwart-wit. De tekeningen zijn afkomstig uit een boek van de architect Owen Jones, The Grammar of Ornament, uit de 19e eeuw.
In ons oorspronkelijke scenografisch ontwerp hadden we grote, open gordijnen tussen de verschillende ruimten voorzien, maar ook oosterse tapijten op de vloer. Toen wij het daarna opnieuw bekeken, binnen in het Louvre-Lens, een lichte, moderne omgeving met een betonnen vloer, kozen we ervoor om ons meer in de omgeving te laten opgaan. Het leek ons logisch om niet tegen de esthetiek ervan in te gaan, maar ons eraan aan te passen. Daarom kozen wij, naast de reusachtige motieven, voor kleurblokken die ritme aanbrengen en bepaalde ruimten accentueren, in afwisseling met de witte muren. Rustige elementen worden afgewisseld met kleurrijke accenten om de kunstwerken tot hun recht te laten komen. Zo kozen we in de zaal gewijd aan de verzamelaar Albert Goupil, die veel Perzische tapijten in schitterende rode tinten verzamelde, voor een amandelgroen met subtiele nuances.”

Interview met Philippine Ordinaire en Bertrand Houdin, artistieke directeuren

Bruileengevers van de tentoonstelling

Bibliothèque municipale de Soissons – Soissons
Centre des Monuments Nationaux / DRAC Grand Est / Palais du Tau – Reims
Centre national du costume de scène (CNCS) – Moulins
Fédération Wallonie-Bruxelles / Fondation Roi Baudouin / Tre.Ma – Namur
Fondation Francès – Clichy
Galerie Mennour – Paris / London
Galerie Mor Charpentier – Paris
Galerie Polaris – Paris
La Piscine – Musée d’art et d’industrie André Diligent – Roubaix
Le Fresnoy, Studio national des arts contemporains – Tourcoing
Le Panoptique, Musée Rolin – Autun

Les Abattoirs – Frac Occitanie Toulouse – Toulouse
Lisson Gallery – Paris / New York
Mairie d’Arnac-la-Poste – Arnac-la-Poste
Manufacture et Musée nationaux – Sèvres
Mobilier National – Paris
MuCEM – Marseille
Musée d’art contemporain [mac] – Marseille
Musée d’Orsay – Paris
Musée de l’Armée – Paris
Musée de l’Orangerie – Paris
Musée de la musique de la Philharmonie de Paris – Paris
Musées de Langres – Langres
Musée des Arts décoratifs (MAD) – Paris
Musée des Beaux-Arts – Chartres
Musée des Beaux-Arts – Valenciennes
Musée des Beaux-Arts et d’Archéologie – Troyes

Musée du Louvre – Département des Arts de l’Islam – Paris
Musée du Louvre – Département des Arts graphiques – Paris
Musée du Louvre – Département des Objets d’art – Paris
Musée du Louvre – Département des Peintures – Paris
Musée du quai Branly – Jacques Chirac – Paris
Musée national de la Renaissance – Écouen
Musée national Eugène Delacroix – Paris
Musée national du Moyen Âge – Musée de Cluny – Paris
Musée Paul-Dupuy – Toulouse
Musées de Langres – Langres
Opéra national – Paris
The Pill Gallery – Paris / Istanbul